De methodiek in vier fasen
Elk traject volgt dezelfde vier fasen. De diepgang verschilt: de baseline neemt de kritieke beslissingen, het volledige kader werkt lifecycle, connectoren en runbooks uit.
Fase 1 — Discovery en quick-scan
We brengen de tenant readiness in kaart en lezen de bestaande instellingen in Entra ID, Purview en Power Platform uit. Daar hoort een agent-inventaris bij over alle bouwplatformen: Agent Builder, Copilot Studio en de agents met een eigen identiteit. Aan het eind van fase 1 ligt er één lijst van wat er draait, in plaats van drie tellingen die elkaar tegenspreken.
Fase 2 — Governance design
Samen met jullie bepalen we de kernprincipes, de zone-indeling voor agents, wie waar mag bouwen en wie beslist over productie. Ook de afspraken rond Copilot credits, verbruik en budgetopvolging horen hier. In het volledige kader komen daar RACI, agent lifecycle, connector
approval flow en het security reviewproces bij. Aan het eind van fase 2 weet iedereen wie waarover beslist.
Fase 3 — Implementatie
Review en, waar afgesproken, configuratie van de kritieke instellingen: Conditional Access, licentie- en feature-instellingen, audit en rapportering, en de afscherming in Copilot Studio. Elke wijziging krijgt een eigenaar en een rollback, zodat je elke stap kan terugdraaien zonder
te zoeken hoe.
Fase 4 — Validatie en overdracht
We valideren wat er is ingericht, leveren de documentatie op en dragen over aan IT, met een lijst van wat als restrisico blijft staan. In het volledige kader hoort hier ook admin training bij. Je team kan er daarna zelf mee verder.